ZT21 met oncologische diagnose en behandeling en op een later tijdstip een oncologische behandeling uit een andere groep (N0539)

Uit normenkaderzorg.nl
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Referentienummer: N0539

Samenvatting

ZT21 met oncologische diagnose en behandeling en op een later tijdstip een oncologische behandeling uit een andere groep (3 t/m 10).

Regelgeving / beleid

 

  • chemo-immunotherapie;
  • immunotherapie;
  • chemotherapie bij acute leukemie;
  • chemotherapie bij gemetastaseerde tumoren;
  • chemotherapie bij niet gemetastaseerde tumoren;
  • hormonale therapie bij gemetastaseerde tumoren;
  • hormonale therapie bij niet gemetastaseerde tumoren

 

Medicinale oncologische behandelingen binnen initiële (ZT11)  subtrajecten. Wanneer binnen een initieel (ZT11) subtraject besloten wordt tot een medicinale oncologische behandeling, dan wordt het subtraject afgesloten één dag voor de datum van de toediening per infuus of injectie en/of de begeleiding bij orale oncologische medicatie. Aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend en gaan de regels voor medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten gelden.

 

Medicinale oncologische behandelingen binnen vervolg (ZT21) subtrajecten Behandeling binnen een klinisch subtraject:  Een klinisch subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt bij élke nieuwe toediening afgesloten (behalve bij acute leukemie). Dit betekent dat een subtraject afgesloten wordt bij:

  • een nieuwe toediening tijdens dezelfde klinische opname;
  • een nieuwe toediening tijdens een heropname binnen 42 dagen na ontslag uit de voorgaande opname;
  • een nieuwe toediening in een niet klinische setting(dagverpleging of polikliniek) binnen 42 dagen na ontslag uit kliniek.

 

Het subtraject wordt in deze situaties één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en aansluitend wordt een nieuw subtraject geopend.

 

Toelichting

Voor het afsluiten van een klinisch subtraject met medicinale behandeling per infuus of injectie - behalve bij acute leukemie - waarbij géén nieuwe toediening binnen 42 dagen na ontslag plaatsvindt gelden de algemene afsluitregels

 

Voor orale oncologische medicatie gelden de algemene regels voor het afsluiten van klinische subtrajecten ZT21 (zie artikel 10.1). Alleen bij overgang naar een andere soort orale medicinale oncologische behandeling of een toediening per infuus of injectie wordt het subtraject een dag voor de start van de andere therapie/toedieningsvorm gesloten en aansluitend een nieuw subtraject geopend. Bijvoorbeeld als een hormonale therapie wordt vervolgd door een chemotherapie of wanneer van

orale chemotherapie wordt overgegaan op chemotherapie per infuus of injectie. Dus afsluiten 42 dagen na ontslag uit de kliniek tenzij:

  • een overgang naar een ander soort orale medicinale oncologische behandeling tijdens dezelfde klinische opname;
  • een overgang naar een ander soort orale medicinale oncologische behandeling tijdens een heropname binnen 42 dagen na ontslag van de voorgaande opname;
  • een overgang naar een ander soort orale medicinale oncologische behandeling in een niet klinische setting (dagverpleging of polikliniek) binnen 42 dagen na ontslag uit de kliniek;
  • een toediening per infuus of injectie tijdens dezelfde klinische opname;
  • een toediening per infuus of injectie tijdens een heropname binnen 42 dagen na ontslag van de voorgaande opname;
  • een toediening per infuus of injectie in een niet klinische setting (dagverpleging of polikliniek) binnen 42 dagen na ontslag uit de kliniek.
  • Behandeling binnen een niet klinisch subtraject:

Een niet klinisch subtraject ZT21 met een medicinale oncologische behandeling per infuus of injectie wordt 42 dagen na toediening per infuus of injectie afgesloten (behalve bij acute leukemie). Dit geldt niet indien er een nieuwe toediening per infuus of injectie binnen 42 dagen plaatsvindt, ongeacht of dit klinisch of niet klinisch gebeurt. Het subtraject wordt in die situatie één dag voor de datum van de nieuwe toediening gesloten en er wordt aansluitend een nieuw subtraject geopend.

Voor orale oncologische medicatie geldt dat het subtraject ZT21 42 dagen na de uitvoerdatum van de eerste begeleidingszorgactiviteit19 binnen het subtraject afgesloten wordt. Alleen bij overgang naar een andere soort orale medicinale oncologische behandeling of na een toediening per infuus of injectie wordt het subtraject een dag voor de start van de andere therapie/toedieningsvorm gesloten en aansluitend een nieuw subtraject geopend. Bijvoorbeeld als een hormonale therapie wordt vervolgd door een chemotherapie of wanneer van orale chemotherapie wordt overgegaan op chemotherapie per infuus of injectie. Sluitingsregels voor medicinale oncologische behandeling per

infuus of injectie van acute leukemie: Bij een medicinale oncologische behandeling van acute leukemie per infuus of injectie wordt het subtraject ZT21 gesloten op iedere 30ste behandeldag (klinische dag respectievelijk dagverpleging dag) of 42 dagen na de laatste behandeldag indien er minder dan 30 behandeldagen zijn geweest.

Zie ook: DBC Onderhoud Registratieregels Versie 20140501

 

Interpretaties

Er zijn geen interpretaties keuzes gemaakt.

Programmeerbare norm

Er is sprake van  “ZT21 met oncologische diagnose en behandeling en op een later tijdstip een oncologische behandeling uit een andere groep (N0539)” als aan de volgende selectie is voldaan: 

1) Alle subtrajecten met ZT 21 met oncologische diagnose of diagnose acute leukemie En behandeling (registratie addendum)


2) Een declarabel subtraject gesloten in 2014

3) Geen verpleegdag En een oncologische behandeling uit groep 3 t/m 8 En op een later tijdstip een oncologische behandeling uit een andere groep (3 t/m 10)
Logica: 1 en 2 en 3 

Berekening financiële impact

De financiële impact wordt bepaald door het subtraject (subtraject X) te sluiten bij start tweede oncologische behandeling en het tweede traject te openen. De financiële impact is het verschil in waarde van de subtrajecten vóór en ná de simulatie.